bright and beautiful - wreed en onaardig

donderdag 26 juni 2008

Vlak nadat de kinderen uit Aberfan in 1966 onderstaand lied zongen, werd hun school, samen met 25 huizen door een mijnramp volledig verwoest; 144 overleden, waarvan 116 kinderen. Het dorp had plots nog maar 25 kinderen over.

Een lied vol leven, een lied vol genot van de kleine dingen. Een erkenning van de Schepper die alles gemaakt heeft. Een waardering voor de schepping en het mooie van het leven.

Een ramp zo oneerlijk, een ramp die zo hard door niemand verwacht werd. Een ramp waar ook niemand om gevraagd had.

Het is zo'n groot contrast: leven en dood. Ik wil er niet over nadenken, maar dit soort confrontaties zorgen dat ik mijn ogen open houdt; Dat ik niet bitter wegkwijn zonder er meer over na te denken.

Het is een gruwel, de dood. Het lelijke contrast kun je hier (Sam of Saam: Passing the Peace) proeven. De gruwel wordt hier (Soet: House on Fire) dan weer zo goed verwoord.

De beste uitspraak over de dood heb ik hier (Onderweg en Thuis: En toen ging de temperatuur omhoog) gelezen:

"Het leven is wreed en onaardig. Dood heeft er nooit bijgehoord. Daarom voelt het ook zo tragisch."

De dood hoort er niet bij. Dat was nooit de bedoeling van onze Schepper!

Juist omdat de dood er niet bij hoort, wil ik Uw aandacht vragen voor dit (Filippijnen) en dit (Soedan) en dit (Zimbabwe) en nog veel meer. Doe er iets aan, want daar gaat het steeds niet om een ongeluk maar om mensen die elkaar's geliefden bewust van elkaar afpakken. En dat moet stoppen.

Doe iets, bijvoorbeeld door deelname aan een actie van Stop The Traffik of Unicef. Zo kun je bijdragen om te voorkomen dat meer mensen dit meemaken.

Leven - schepping - waarde:

All things bright and beautiful,
all creatures great and small,
all things wise and wonderful,
the Lord God made them all.


Each little flower that opens,
each little bird that sings,
he made their glowing colors,
he made their tiny wings.

All things bright and beautiful,
all creatures great and small,
all things wise and wonderful,
the Lord God made them all.


The purple-headed mountain,
the river running by,
the sunset, and the morning
that brightens up the sky.

All things bright and beautiful,
all creatures great and small,
all things wise and wonderful,
the Lord God made them all.


The cold wind in the winter,
the pleasant summer sun,
the ripe fruits in the garden,
he made them every one.

All things bright and beautiful,
all creatures great and small,
all things wise and wonderful,
the Lord God made them all.


He gave us eyes to see them,
and lips that we might tell
how great is God Almighty,
who has made all things well.

All things bright and beautiful,
all creatures great and small,
all things wise and wonderful,
the Lord God made them all.


Words: Cecil Frances Alexander, 1848 Music: Royal Oak

leven volgens je principes (1-5)

dinsdag 24 juni 2008

In dit artikeltje werd ik aangespoord om mijn principes eens op een rijtje te zetten. Je principes geven je richting, en als je je principes kent, kun je ook je eigen gedrag veel beter analyseren. Hey hey, zou ik trouwens ooit een goeie "life coach" zijn? Retorische vraag tussendoor die mij toch wel bezighoudt: waar zie ik mijzelf over 10 jaar? Antwoord: Als trainer... nu nog ontdekken waar ik training in kan geven LOL. Suggesties voor hen die me dunken te kennen; mail maar door. Ok, bla bla weg, terug naar onderwerp. Het artikel was direct ook een leuke aanleiding om er zelf mee aan de slag te gaan. Er komt een categorie bij op mijn blog: mijn principes.

Als christen heb ik direct recht op alle principes die uit de Bijbel komen. Het is 'n beetje onnozel om dat allemaal te gaan copy-pasten, dus wil ik het nu al voorop stellen: alles wat enigzins duidelijk in de Bijbel naar voren komt, zie ik als christen sowieso als een principe. Voila en daar heb je mijn eerste principe al:

1. Ik wil me nergens mee bezig houden dat enigzins tegen Gods Woord in zou kunnen gaan.

Trouwens, dit eerste principe breek ik dagelijks, maar daar hebben we het nu even niet over. Het gaat er nu even niet om of ik mij er aan houdt, het gaat om het opsommen. Het feit dat ik mij niet altijd aan mijn eigen principes houdt, is omdat ik mens ben en dit wil zeggen dat ik ook fouten maak. Als ik naar fouten van mensen kijk, dan doe ik dat liefst door de ogen van God (voor zover ik dat kan inschatten) en dan komen we direct tot een tweede principe:

2. Ik wil iedereen die fouten maakt, of mij kwetst, vergeven en een kans geven opnieuw te beginnen.

Mensen zijn mensen, weet je. Ik vind het altijd zo stom dat mensen vriendschappen bouwen, zich laten kwetsen en dan ofwel geen andere vrienden meer durven te maken, of juist wél nieuwe vrienden maken. Het zou veel beter zijn, als het van jou afhangt, om met die oorspronkelijke vriend toch verder te durven gaan. Vrede is al zo moeilijk te vinden, en dan is het echt raar als je wegens veel onvrede met anderen, gewoon vrede gaat zoeken met iemand die je nog niet kent. Derde principe:

3. Ik leef, voor zover het van mij afhangt, in vrede met alle mensen.

Het gaat hier direct veel over mensen, en diegenen die mijn blog de laatste maanden een beetje hebben gevolgd, kunnen daar ook het volgende principe uit opmaken:

4. Ieder mens is gelijk ongeacht wat er ook verschillend aan hen is: ik wil ze identiek, gelijk, eerlijk, evenwaardig behandelen. Iedereen.

Genoeg over mensen. Een laatste voor vandaag, volledig onafhankelijk van de andere principes:

5. Ik geloof in verandering. Niet noodzakelijk verbetering, gewoon verandering.

Een jaar of 7 geleden zei een lector dat hij geloofde dat social cultureel werk gericht is op verandering, niet noodzakelijk verbetering. Ik als koppige student tussen 100 stille studenten, stelde luidop de vraag waarom verandering iets goeds zou zijn als het geen verbetering inhoudt? Hij zei dat ik dat nog wel zou ontdekken. Ik heb het ontdekt. ik heb echt een hekel aan het behouden van het oude vanwege het behouden. De zaken laten zoals ze zijn omdat er niets mis mee is, is voor mij niet goed genoeg. Verandering is namelijk altijd beter dan behouden zonder doel. Vandaar dus, dat ik zo voor verandering te vinden ben. Ik hou er niet van om vastgeroest te zitten in een kerk of werk of club of organisatie waarbij niemand meer weet waarom 'ie er is. Verander gewoon af en toe, zonder reden!

vechten in een team

Momenteel lees ik "Good to Great", een boek van Jim Collins over waarom sommige bedrijven een sprong maken en anderen niet. Met feiten (I love data!) onderbouwd en direct toepasbaar, that's the way I like it :-). In dit boek spreekt de schrijver onder andere over leiderschapsstijlen. Blijkbaar is een belangrijk element in de leidersteams van de bedrijven die wél groeien, dat ze in conflict gaan met elkaar: ze maken ruzie. Ze sussen niet, ze discussiëren en vechten erop los met elkaar.

Ik merk bij mezelf dat als ik me koest hou in een vergadering in kerk of werk, dat ik me achteraf ga zitten frustreren omdat mensen zo onprofessioneel omgaan met belangrijke zaken. "Had ik toch mar mijn gedacht gezegd!" dacht ik vorige week nog. Ik worstel altijd met de balans tussen stil zijn en extreem ruzie maken. Het moet daar ergens tussen zitten. Als je je stil houdt, weet niemand dat er iets misging. Als je de confrontatie aangaat, kun je overkomen als te fel en in een rol vervallen van de "vijand". Maar confrontatie blijft belangrijk. Een vergadering is er juist om verschillende hoofden bij elkaar te steken en zo samen ergens naartoe te werken. Als het dan nooit botst, dan verliest het eigenlijk zijn nut. Botsen dus maar... Botsingen zijn vaak even slikken, maar moeten ervoor zorgen dat je ook leert luisteren. Want waarom botst het? Wat zijn die andere zijn vooronderstellingen of visies waarvan ik niet weet? Botsen om te botsen is natuurlijk niet goed. Botsen om je zin door te drijven ook niet. Botsingen zijn nuttig als je daardoor ontdekt wat er bij de ander leeft. Je verkrijgt nuttige informatie die je nooit had geweten als je gezwegen had. Je begrijpt de ander beter.

Maar botsen is niet voldoende. Wat er volgens de schrijver steeds aanwezig was bij de succesvolle, ruziemakende managers, was dat ze elk besluit voor 100% ondersteunden en verdedigden. En dat is de sleutel. Veel te vaak gebeurt het dat mensen het eens lijken te zijn in een vergadering, maar als hen achteraf gevraagd wordt waarom die of die beslissing gemaakt werd, zeggen ze "Ach, ik ben het er zelf ook niet helemaal mee eens."

Dat is ook verkeerd natuurlijk. Met confrontaties of discussies ga je hopelijk een terrein ontdekken waarbinnen je mogelijke compromis of consensus ligt. Binnen dat terrein ga je samen op zoek naar een conclusie. Die conclusie is nooit 100% volgens jou oorspronkelijke mening, maar het is wel een team conclusie. Het team heeft er samen voor gevochten en als lid van het team heb je de verantwoordelijkheid om achteraf dan ook namens dat team te spreken.

Heb je dan niets meer te zeggen zodra je deel wordt van een team? Die indruk krijg je vaak als je mensen alleen bezig ziet met hun bediening. Ze vertrouwen niemand anders, ze zouden zich opzij gezet voelen, dus ze werken alleen. Maar niets is minder waar: juist doordat jij je werk in teamverband gaat doen, komt jou inbreng tot een veel mooier resultaat; een resultaat waar verschillende karakters en achtergronden aan hebben bijgedragen. Een degelijker resultaat.

Teamwerk is niet je zin doordrijven of gewoon meegaan met de luidste stem. Teamwerk is wél vechten met elkaar tot je er samen uit komt.
Teamwerk is geen noodgedwongen vorm waarin je zelf niet to ontplooing kan komen. Teamwerk is wél de ideale gelegenheid om je karakter en gedrevenheid en standpunt en visie te kunnen toetsen en te ontwikkelen naar een mooier groter geheel.

Vechten en samen sterk staan dus!

Verstevigen van het isolement (revised version)

vrijdag 20 juni 2008

Nergens wordt ons christenen in de Bijbel geleerd dat we ons moeten afzonderen van de wereld om ons heen (tenzij dat het om een specifieke zonde gaat in ons eigen leven). Regelmatig spreekt Paulus over hoe we anders moeten zijn, hoe we niet wereldgelijkvormig mogen worden, maar hij schrijft even sterk dat we niet vàn de wereld zijn maar wel ìn de wereld zijn.

Voor een groot deel kan ik er mee leven: iedereen heeft een bepaald engagement (politiek, sport, ...) waardoor je het risico loopt geïsoleerd te raken van andersdenkenden. Maar zodra we ons als christen bewust zijn van ons isolement, moeten we wel alles doen om er niet in te blijven steken, of erger, om er niet nog dieper in te verzeilen. Dan krijg je taferelen waarbij christenen geen enkele vriend of vriendin hebben buiten de kerk. Volgens mij is dat dramatisch want dat maakt dat je compleet wereldvreemd geworden bent, geen verschil meer kunt maken en erger nog: als je dan ook nog betrokken bent in leiding in de kerk/gemeente, ga je de kerk ook nog eens meeslepen in het isolement.

De evangelische kerk staat vaak buitenspel. Een pover deel van onze activiteiten is nog relevant voor mensen buiten de kerk. Sommigen sleutelen hard om daar iets aan te doen. De meesten hebben het niet eens door.

Onze zondagse erediensten zijn verbazingwekkend eigenlijk nog niet zo'n probleem. Alhoewel we vaak denken "Wat gaat een andersgelovige hier nu van begrijpen?", is het voor hen die langs kwamen vaak een aangename ervaring waarbij ze onze geloofsbeleving respecteren en waarderen. De eredienst is dan in het algemeen ook gericht op christenen die God samen zoeken en aanbidden en men beseft dat heel goed.

Het isolerende aan ons leven als christen bevindt zich op andere vlakken. Onze vrije tijd. Onze andere activiteiten.

Pastoraat

Het valt me bijvoorbeeld op dat elke keer dat er een initiatief genomen wordt om iets goeds te doen voor onze medemens, iedereen laaiend enthousiast wordt. Bij verschillende kerken en organisaties heb ik al een heel aantal projecten de revue zien passeren waarbij men duidelijk voor ogen heeft: we willen anderen helpen. Armen eten geven. Andersvaliden ondersteunen. Steden en parken opruimen. Vaak is het nog maar een half jaar na het enthousiasme, dat iedereen uitgeput is en dat het project afgeblazen wordt. We hebben er echt geen tijd meer voor. We hebben er geen energie voor. Het lukt niet, we vinden geen medewerkers. Ondertussen steken we wel uren tijd in pastoraat onder christenen die eigenlijk gewoon op de waarheid van Gods Woord zouden moeten staan. Christenen die energie opslorpen van pastoraal medewerkers, maar die eigenlijk weinig blijk geven van verandering in eigen leven. Die mensen krijgen wél aandacht, voor de anderen is geen tijd. Je isoleert de kerk van de maatschappij, als je enkel oog hebt voor de noden binnen de kerk en niet daarbuiten.

Muziek

Kijken we daarentegen naar Praise avonden, dan merk ik dat we daar bijna nooit te kampen hebben met een tekort aan medewerkers. Muzikaal talent wordt bijna altijd ingezet binnen de gemeente. Ga je een band oprichten, dan is het bijna vanzelfsprekend dat het een praise band is, want dat is de muziek die christenen spelen. Ik merk het bijvoorbeeld bij Indian Summer: een band met enkel christenen, die muziek spelen voor een breed publiek. De afgelopen weken alleen al heb ik zeker 3 keer iemand horen suggereren dat ze toch ook wel een Praise avond zouden kunnen doen. Ze willen dat niet, ze willen juist hun eigen stijl houden en relevant blijven voor iedereen. Maar hoe lang duurt het, voor ze zich laten verleiden? Is er dan iets mis met aanbiddingsmuziek? Natuurlijk niet, maar het krijgt wel altijd de eerste prioriteit... Je isoleert de kerk van de maatschappij, als je je talenten enkel investeert in evenementen binnen de kerk en niet daarbuiten.

Geloofsoverdracht

Een ander voorbeeld zijn de christelijke scholen. Op zich zijn deze scholen echt wel relevant voor de maatschappij, te bedenken dat een groot deel van de kinderen op die scholen juist niet uit christelijke gezinnen komt. Ik begrijp heel goed dat mensen energie steken in zulke scholen, juist omdat ze relevant willen zijn voor de maatschappij. Toch hoor ik vaak ouders spreken over die projecten, in de zin van "Jij gaat je kind toch ook sturen als er zo'n school komt?" De doelstelling van de scholen komt dan niet goed over en de indruk die je krijgt, is dat de scholen er zijn voor de kinderen van christenen. De pedagogie op christelijke scholen kan een verleiding zijn tot gemakzucht bij de ouders, waarbij ouders de taak van geloofsoverdracht afdoen als een taak van de school. Geloofsoverdracht is een taak van ouders en gemeente, en niet van de school denk ik. Dat denken die scholen zelf trouwens ook niet! Ik vind het erg als ouders daarmee ook hun kinderen willen beschermen van de boze buitenwereld. Je isoleert de kerk van de maatschappij als je je kinderen naar christelijke scholen stuurt vanwege gemakzucht en een gevoel van geborgenheid.

Jeugdwerk

Ik kijk even naar mijn eigen taak in de kerk in Zaventem en ik zie dat ook daar enorm veel aandacht gaat naar christenen. Alle energie gaat naar programma en relaties met de jongeren uit eigen kerk. Als er iets mis gaat of als jongeren niet graag meer komen, wordt van de jeugdwerker verwacht dat ze nog meer hun best doen om die éne tiener, toevallig kind van christenen, er weer bij te betrekken. Er worden zelfs hele vergaderingen gehouden om toch maar iedereen te geven wat hij nodig heeft. In theorie voel ik mijzelf verantwoordelijk om ons jongerenwerk relevant te maken voor heel onze omgeving. In praktijk geef ik eerlijk toe: ik heb geen tijd om naast het jeugdwerk in eigen kerk, ook nog eens verder te gaan kijken en relevant proberen te zijn voor anderen. Eén lichtpuntje: ik hoop al een tijdje om als vrijwilliger in de jeugdgevangenis van Everberg te kunnen helpen, ik hoop ook al een tijdje om de jeugdraad van Zaventem te gaan ondersteunen, ik hoop ook al een tijdje om een Rock Solid of Youth Alpha te gaan doen hier in de buurt. Misschien komt er uit die hoop ooit wel eens actie... Je isoleert de kerk van de maatschappij als je jeugdwerk enkel binnen de kerk toepast en niet kijkt naar jongeren daarbuiten.

Pastoraat in de gemeente is noodzakelijk.
Praise avonden zijn ter ere van God.
Christelijk onderwijs verstevigt geloofsoverdracht.
Jeugdwerk binnen de kerk is onmisbaar.

Maar gebruik al die "instrumenten" wel op de juiste manier, en denk er over na. Het ergste in heel dit isolement vind ik de schijnbare tendens dat alles met een christelijk sausje per definitie goed is. Velen vragen zich al geruime tijd af waarom er zoveel jongeren de evangelisch kerk verlaten. Misschien ligt het wel aan de manier waarop wij als evangelische kerk omgaan met pastoraat, onderwijs, talenten en gaven en jeugdwerk... Is de evangelische kerk echt wel bezig om jongeren en kinderen voor te bereiden op de maatschappij? Of is onze geloofbeleving mijlenver verwijderd van de realiteit in de maatschappij?

Wie we daar hebben!

woensdag 18 juni 2008

De meesten van jullie weten dat ik redelijk wat blogs lees. Da's ook logisch dat jullie dat weten want de meesten van jullie bloggen zelf ook :-) De interactie via die blogs doet mij enorm deugd, omdat het me een beetje van mijn eilandje afhaalt. Ik leer mensen kennen die anders denken en dat daagt me uit in mijn denken en spreken. Ik sta voor wat ik geloof, maar denk in een breder kader, ik wil niet wereldvreemd zijn.

Zo lees ik ook een paar politiek-getinte blogs, bijvoorbeeld die van Peter Dedecker, Geert Cleuren en Stijn Baert. Zeer leerrijk allemaal, stuk voor stuk no-nonsens schrijvers!

Via hen kwam ik terecht bij Jasper Vandenbossche. Na een vraagje over Tienerweb en Breeze, wees hij mij totaal nietsvermoedend door naar "He's Alive".

En wat ik daar zag was echt niet te doen: tussen al die namen van dat festicert zie ik plots Willem Come en Jo de Rijck: twee mannen die ik ken van op mijn eilandje. Lap, probeer ik er alles aan te doen om van mijn cliché-evangelisch-eilandje af te komen, word ik dus weer rechtstreeks terug gestuurd ;-)

Nee, 't is grappig, hoe klein die wereld is. En 't is mooi te zien hoe verschillende christenen de krachten bundelen voor projecten zoals He's Alive. Bij OM en Breeze doen we dat ook: de handen in elkaar slaan! Alle eer aan God, en wij mensen moeten de krachten bundelen!

Geef mij maar Leuven!

Ondanks het feit dat wij sinds een aantal jaren in Zaventem wonen, erken ik Brussel nog steeds niet als "'t stad". Het blijft Leuven en de GPS-in-de-war-ervaring vandaag heeft het alweer bevestigd. De GPS is overigens meestal helemaal niet in de war hoor.

Ja pas op, ik was het zelf niet hoor die in de war was, het was echt de GPS. Ik geef straat en plaats in (Laken) en de GPS stuurt mij doodleuk naar Watermaal-Bosvoorde. Nog nooit geweest, best een mooie plek, maar om daar vandaan naar Laken te rijden om stipt om 17:45 stipt aan te komen is dus een ramp.

Ten eerste klinkt het niet goed als je belt en aan de andere kant van de lijn krijg je te horen "Hoe bedoel je, je zit ten zuiden van Brussel?" Ja, inderdaad, Laken, da's Brupark, dus inderdaad: "Wat doe ik hier in 't zuiden?" vroeg ik dan aan mijn GPS. Antwoord was: "Nog 25 minuten rijden." Ja, dat had je ook wel eens eerder mogen zeggen.

Vijfentwintig minuten, da's gerekend buiten het spitsuur natuurlijk...

Die 25 minuten duurden in totaal 60 minuten, terwijl we toen al 30 minuten onderweg waren... Anderhalf uur dus om van Zaventem naar Laken te rijden. Twaalf kilometer. Zeventien minuten.

Daarbij kwam ook nog eens dat de helft van de inzittenden al van bij het begin dringend naar het toilet moesten, wat dus geen fijne ervaring is. Want hoe breek je het nieuws? Zoiets? "Sean, we zijn er NIET bijna, en ga nu maar met Studio Brussel meezingen en klappen."

Uiteindelijk zijn we er toch geraakt, op het tijdstip dat ik van plan was met de kids weer naar huis te gaan, kwamen we dus aan. En uiteindelijk zijn we terug thuis geraakt.

Man man wat een agressie. Ik weet het, vergeleken bij Napels is Brussel niks. Maar kom zeg, als je zo in de file zit en niemand wil je er tussen laten omdat je de buurt niet kent, dan vind ik niet dat ze de koopkracht moeten verhogen maar de veerkracht. Daarmee bedoel ik de veerkracht van de auto's, dan kun je elkaar even opzij duwen, maar ook de veerkracht van de bestuurders, zodat ze niet zo snel opgefokt elkaar beginnen uitschelden.

Geef mij maar Leuven. Ik blijf trouw. Voor eeuwig!

Holland vlagt / Vlaanderen boven!

zondag 15 juni 2008

Raymond van het Groenenwoud zingt het al 30 jaar: Vlaanderen Boven!!!

Een recent artikel in De Standaard is bereikbaar via het plaatje...
Heel mijn leven heb ik tussen de twee gehangen ... ben ik nu een Nederlander of een Vlaming? Een Leuvenaar met Hollands paspoort is de voorlopige conclusie...

Ik woon al sinds 1977 (geboren in 1975) in Vlaanderen en heb heel mijn leven die tweestrijd meegemaakt... De conclusies van De Standaard stemmen redelijk overeen met mijn eigen ervaring...

Waar zou ik het liefste wonen? Ik ga graag naar Nederland om te winkelen ... voor produkten zoals satésaus, drop, pindakaas, stroopwafels, Rivella, eierkoeken, karnemelk, ibuprofen, ... Ook de mensen zijn veel opener en vriendelijker, sneller behulpzaam... een goede eigenschap, gedeeltelijk... Maar zodra ik 5 tellen in Nederland ben, mis ik "mijn Vlaanderen" al... Ik woon graag waar ik nu woon: Vlaanderen!

Hetgeen mij het meeste stoort in Nederland is de bemoeizucht...
Elk gesprek dat je voert is openbaar, zowel op straat, in huis als in winkels of in het verkeer. Privé-gesprekken owrden onderbroken omdat men je wel verder wil helpen, meningen worden ongevraagd gegeven en ook nog eens toegelicht. In je tuin moet je niet te luid spreken of je buurman begint het al gezellig te vinden. Het lijkt wel alsof je 24 hours a day op Hyves of Facebook woont: alles is openbaar. Die bemoeizucht, all the time: nee dank u.

Het onderzoek wijst uit dat de meesten het daar ook mee eens zijn. En dus is de naam voor het plaatje hierboven goed gekozen: Holland vlagt (ga naar de site en download het plaatje, dan zie je de naam die de krant eraan gaf).

Dat wil zeggen dat Nederland gebuisd is, niet geslaagd dus. En terecht vind ik ;-) Vlaanderen blijft de plees to beeeeeee!

Zaventems jeugdbeleid

Geen mening, geen gevoel, geen geloof dit keer ... Enkel een mededeling:

Zaventemse jeugdraad laakt jeugdbeleid

Zeer spijtig vind ik dit. Ik ben bereid te helpen binnen mijn mogelijkheden... Zowel bij de jeugddienst als de jeugdraad, zolang de jeugd van Zaventem er maar mee geholpen is...

Oosters nadenkertje

donderdag 12 juni 2008

Ik las vandaag dit bericht en vond het heel mooi maar paste het een beetje aan.

De creativiteit is volledig van Jan, enkel de vervormingen zijn van mij :-)

Op een dag zond God Zijn Geest naar de aarde om de mensen te steunen, kracht te geven en te troosten.

De mensen gingen op hun beurt op zoek naar Die Geest.

Ze zochten op de hoogste berg,
de bodem van de zee,
het midden van de aarde.
Maar al deze plaatsen waren reeds door mensen veroverd.

Uiteindelijk vond de mens Gods Geest in zichzelf wonende.
En daar werkt de Geest nog steeds vandaag,
Om zich elke dag te openbaren,
Aan één ieder die hem wil vinden, waarderen en bewaren.

typische schooldirecteur

woensdag 11 juni 2008

Via deze blog van Peter Dedecker en dit artikel in De Standaard "Leerlingen voeren actie voor korte broek" merkte ik iets bijzonders in het nieuws. Korte broeken extravagant noemen en er nog trots op zijn ook...

De woorden van de directeur doen mij denken aan mijn eigen jeugd, en laten duidelijk zien dat er in 20 jaar weinig veranderd is in het ouderwetse schoolbeleid in Vlaanderen. Inhoudelijk zal er best wel wat verbetering zijn ondertussen, maar qua autoritair leiderschap, dictatuur, zie ik nog zeer veel gelijkenissen met de jaren '80.

Bravo aan de studenten en aan hun gebruik van YouTube!

Bekrompenheid. Alfons Goos in De Standaard:

"Zelf blijft de directie voorstander van een verbod op korte broek. 'Het is de traditie van onze school dat de kledij van de leerlingen verzorgd en niet-extravagant mag zijn', zegt Goos. 'We willen ook geen vrijetijdskledij, en dat is een korte broek wel. We hoeven geen beachparty op de school.'"

pfff

geld verkeerd gepompt

Ik kan even niet volgen wat er momenteel met ons belastingsgeld gebeurt. De crèches zitten vol deze zomer, en de grote reden is dat er een personeelstekort is. Dat personeelstekort is er omdat de lonen in de crèches niet aantrekkelijk zijn. Om die lonen omhoog te schuiven, gaat de overheid investeren. Die investering komt van één of ander overheidsbudget. Dat de overheid een budget heeft komt omdat burgers belastingen betalen, bijvoorbeeld op hun loon. Bijvoorbeeld het loon van de papa en mama van de kinderen die naar die crèche moeten.

Huh? Waarom pompen jullie dan niet direct dat geld in het uitbreiden van ouderschapsverlof? Als ik het goed begrijp, gaan werkende ouders nu (meer?) belastingen betalen met als enige doel dat iemand ánders voor hun kinderen kan zorgen in plaats van zij zelf?

Ok, het is niet zo zwart wit, maar toch, er ligt een boodschap onder dit bericht begraven. Ik geloof dat ouders zoveel het kan zélf voor hun kinderen moeten zorgen en als het hun carrière niet in de weg staat, bijvoorbeeld door 4/5, 1/2 te gaan werken of tijdelijk een onderbreking te nemen, waarom dan nog investeren in andere opties???

Bij deze een oproep aan alle ouders: Klik even hier(RVA) en ontdek je rechten!

do as you did and you'll get what you got

donderdag 5 juni 2008

Einstein zei:
Do as you did and you'll get what you got...
Met andere woorden...
Wil je verbeteren, dan moet je veranderen ...

Is het zoveel gevraagd ...
Een beetje kwaliteit in je werk ...
Niet zomaar overal op springen en alles aannemen ...
Nee, gewoon een focus vinden, je daarop richten en kwaliteit leveren ...
Waarom is het in de non-profit (lees: kerk) zo vaak het zelfde verhaaltje ...
Altijd maar meer werk en nooit eens iets goed afleveren ...

Wat je doet, doe het goed ...
Of doe het gewoon niet ...
Zucht.

anker in mijn hart

woensdag 4 juni 2008

Het anker van de hoop brengt toekomst en geeft standvastigheid.
Het hart van de liefde brengt genade en vergeving.
Het kruis van het geloof brengt leven en een doel.

Maar dan ...

Schaamte en schuld maken me trots, liefde kan ik niet aanvaarden.Angst en onmacht verlammen mijn geest, hoop heb ik niet meer.Pijn en lijden stoppen mijn ademhaling, geloof wankelt.Het lijkt of dat anker in mijn hart hangt; het is er wel, die hoop, maar het voelt alsof je bloedt.

Mijn gevoel bedriegt mij, daar ben ik al lang achter. Het anker hangt niet in mijn hart, de liefde is juist in mijn hart. Het anker hangt vast aan de bodem van de zee, en ik; ik zit in de boot waar het anker aan vast zit.

De boot schommelt door de golven, soms loopt de boot half onder water. De bewegingen maken me ook zeer misselijk. Maar dankzij het anker gaat de boot niet de verkeerde kant uit; het blijft op de zelfde plaats hangen.

Ongeacht hoe misselijk ik mij voel door het leven, zondag voelde ik het nog letterlijk in mijn buik; het anker, God zelf, blijft standvastig en verandert niet. Ik ervaar het niet altijd, maar ik weet het wel.

Als ik de Psalmen lees in tijden van voorspoed, vind ik het mooie, leuke, opbeurende teksten.

Als ik de Psalmen lees als ik het gevoel heb dat alles misloopt, pas dan besef ik hoe veel dat anker, God, mijn hoop, voor mij betekent. Hij is mijn doel. Hij is alles wat overblijft als al het andere wegvalt. Hij "fixt" niet alles hier en nu, maar Hij herstelt wel alles in eeuwigheid.

Het geeft me een enorme vreugd, te weten, dat het anker mij toekomst biedt en zorgt dat ik niet wankel. Psalm 119 is als brood: droog en saai als je het gewoon leest. Maar als je het in tijden van nood leest, na dagen niet gegeten te hebben, bij echte honger, dan geeft het volheid van leven...

Mooi hoe God zelf ook het Woord met brood vergeleek...