donderdag 27 januari 2011

ik heb het recht!

Soms ben ik het christelijk leven echt beu.
Er wordt zoveel van je verwacht, er zijn zoveel spelregels waaraan je je moet houden, er zijn zulke lange lijsten van dingen die je al dan niet mag zeggen. Je moet op een bepaalde manier spreken of je bent niet geestelijk genoeg. En ik spreek niet over bijbelse normen, maar de normen die we elkaar ongeschreven opleggen. Ook bij het voorbereiden van dit artikel worstelde ik hiermee. Wat kan wel en niet door de beugel? Als ik iets schrijf kan het mensen tegen de borst stoten, alhoewel ik hoop van niet, maar ik doe dit in de hoop dat mijn woorden harten mogen aanraken en veranderen. En bovenal mijn eigen hart.
Een van de dingen waar ik mee worstel is iets wat mij sinds mijn eerste TeenStreet niet meer loslaat. Hun visie is "God liefhebben en mensen liefhebben." Dit is geinspireerd door wat Jezus zei tegen de schriftgeleerden die hem vroegen wat het eerste gebod was: Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf. Deze twee geboden zijn de grondslag van alles wat er in de Wet en de Profeten staat.
Als ik naar mijn eigen leven en omgeving kijk, dan zie ik vaak dat deze twee "geboden" enorm uitgehold zijn. God liefhebben betekent dat we regelmatig zingen en uitbundig met goede muzikale begeleiding Gods naam grootmaken. Momenten van aanbidding in de kerk, thuis, op een Praise en we hebben God lief. Mensen liefhebben wordt vaak verheven tot een vereren van mensen. Vooral lief zijn voor elkaar en niet te veel kwetsen. Mouwvegerij tot en met. In het gezicht dan tenminste.
Maar dan kom ik in de praktijk en ik zie hoe we omgaan met deze waarheden in realiteit...
... als ik in een winkel in Brussel binnenkom en de arrogante vrouw aan de kassa weigert Nederlands te spreken, zelfs niet als ik boos word en zeg dat ik het echt niet in het Frans ga zeggen... Ik heb toch het recht om mijn Vlaams te gebruiken in een tweetalige stad?
... als we met zijn allen petities gaan regelen om onze christelijke feestdagen te behoeden van de ondergang, uiteraard zijn die buitenlanders met zijn allen uit op ons erfgoed... Ik heb toch het recht om ons christelijk erfgoed te beschermen?
... als we met de meute meedoen in het klagen over de politiek en hoe slecht die mensen hun job doen. Wij hebben toch het recht om te krijgen waar we voor gestemd hebben?
... als iemand in de gemeente mij kwetst en ik jarenlang blijf zeggen "Hij (die bittere onbekeerde ander) moet de eerste stap zetten want ik ben nooit de fout ingegaan". Ik heb toch het recht op mijn gelijk?
... als ik een visie heb gekregen van God en de mensen in mijn gemeente willen er niets van horen, zij hebben gewoon niet goed geluisterd dus zijn ze kortzichtig en moet ik maar verder zonder hen. Ik heb toch het recht om mijn eigen dromen te verwezenlijken?
... als gezinnen en koppels uit elkaar groeien omdat man en vrouw geen fatsoenlijke manier kunnen vinden om vergeving te vragen en te schenken en echt genade toe te passen. Ik heb toch het recht om op mijn eigen welzijn te passen?
... als een of andere klantendienst ons oneerlijk behandelt, en de enige uitweg is om agressief te worden aan de telefoon. Ik heb er toch voor betaald, dus ik heb recht op wat mij toekomt?
Weet je, ik ben schuldig aan bijna alle bovenstaande dingen. God liefhebben en mensen liefhebben klinkt leuk, maar het kost bloed, zweet en tranen. Het heeft pas kracht als we het in onze realiteit (zoals de voorbeelden) durven toepassen.
Hoe gaan we om met de arrogante, bittere, veeleisende, kortzichtige, nergens-goed-voor, onvergevende, oneerlijke ander? Zelfs als die dat allemaal is?
Je kunt die uitspraak van Jezus alleen maar zien in het licht van de gehele bijbel. En daarom voeg ik er nog twee dingen aan toe. Ten eerste het bijbels motto van George Verwer: Ik hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven, als ik mijn levenstaak maar kan voltooien en de opdracht uitvoeren die ik van de Heer Jezus ontvangen heb: getuigen van het evangelie van Gods genade. Ten tweede een lijflied van een kameraad Bram: indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft zij op zichzelf; maar indien zij sterft, brengt zij veel vrucht voort.
We kunnen alleen God liefhebben en mensen liefhebben als we onszelf wegcijferen, als we ons leven geen waarde meer toekennen, als we onszelf voor dood verklaren en dan gaan leven om overal en altijd Gods genade uit te delen, bovenal aan diegenen die het volgens ons niet verdienen. Dan komen we niet langer op voor onze eigen rechten, maar voor de zwakkere in de maatschappij, zoals Jezus ons leerde.
Want ook al kunnen we in theorie op elke bovenstaande vraag "ja" antwoorden en onszelf dat recht toekennen, in de praktijk van het christelijke leven, hebben we geen enkel recht. Op geen enkel gebied. En dat christelijk leven, dat ben ik NIET beu. Dat is een avontuur, een feest, in afhankelijkheid van God leven. Mezelf als dood achten. Elk moment vervolgens als geschenk beschouwen. Want als ik mijn rechten afsta op al die vlakken en meer, en in de plaats genade schenk als hoofdopdracht, dan moet ik er ook op durven vertrouwen dat God mij echt gaat dragen. En dat geeft me hoop!

donderdag 16 september 2010

een Myers-Briggs traanjte

Vandaag gebeurde er iets ongelooflijk mooi! Op mijn werk waren we bezig met de Myers-Briggs persoonlijkheden. Terwijl ik genoot van wat we ontdekten, bracht ik het materiaal plots in verband met een ander deel van mijn leven en ik voelde een traan die mijn ogen wilde ontglippen (ik kon hem nog net tegenhouden :p)

Het was een plotse openbaring! Weet je, soms vind ik het moeilijk om mijn 2e zoontje (3) te begrijpen. Ik denk dat ik hem soms onbewust behandel zoals onze oudste (5,5) die redelijk op mij lijkt. Maar een identieke omgang met de twee kids helpt niet om elkaar te snappen. Begrijp me niet verkeerd, we zijn zot van elkaar en het is echt een happy knulletje, ik behandel hem best wel uniek, maar soms snap ik hem gewoon niet.

Een van de lastige momenten is de schoolpoort. Met onze oudste is het altijd gelukt om hem de details van de dag te geven en hij is content. Hij heeft alle details nodig en hij is content. Met onze 3-jarige lukt dat niet. Hij gaat graag naar school, heeft er vriendjes enzo, maar die 2 minuten bij de schoolpoort zijn lastig, voor hem en voor mij. Hij zeurt. Hij klaagt. En het is een patroon dat ik al een tijdje wilde doorbreken. Vorige week is dat eindelijk gelukt. Ik kwam thuis en dacht ineens bij mezelf "als ik zoveel bezig ben met coaching buitenshuis, waarom coach ik mijn eigen kids niet dan?" Dus ik ging apart met hem zitten en ben gewoon relaxed beginnen babbelen met hem. Ik vroeg hem naar de dingen die hij graag heeft op school en de dingen die hij niet graag heeft op school. Hij vertelde verhaaltjes en ik stelde gewoon af en toe een vraag, zonder agenda. Daarna even gebeden en gespeeld en toen vroeg ik hem wat hij nu vindt van school. En hij zei dat hij het leuk vindt en hij vertelde over de dingen die hij graag doet daar. Toen hebben we afgesproken dat hij me dat de volgende dag ook zou vertellen op school.

De volgende ochtend op school verliep als volgt:

Tegen de 5-jarige: "Vergeet niet welke lessen je hebt vandaag he. Ik kom je om 3 uur halen hier." "Ok, daag"

Tegen de 3-jarige: "Daag." en ik wacht. "Papa, ga maar werken nu. Het is hier leuk op school" met een grote glimlach! En hij rent weg om te spelen!

Het is sinds die dag compleet veranderd, gewoon door iets kleins aan te passen. Echt zalig! Maar ik vroeg me toch af wat het nu was. Wat was nu het echte verschil?

Tot vandaag ... Myers-Briggs beschrijft verschillende soorten persoonlijkheden, onder andere het verschil tussen de "Sensing" en de "Intuitive" persoonlijkheid. De sensing heeft data nodig, duidelijke details en feiten. De intuitive heeft een groter geheel nodig. Iets enthousiast.
De twee types vertelden mij plots iets over mijn eigen kids.

De oudste heeft data nodig. Feiten over zijn dag op school. Dan is hij content.
De tweede heeft het verhaal nodig. Wat er cool is aan school. Dan is hij content.

Dank U God voor deze vreemde openbaring :-) Dat had ik nu net nodig.

maandag 5 juli 2010

kolonisatie in de evangelische kerk

Vorige week vierde Congo 50 jaar onafhankelijkheid. Sinds 1960 is Congo niet langer een Belgische kolonie. In een tv-programma blikte men terug op die 50 jaar en kregen we allerlei sfeerbeelden te zien. We werden o.a. geconfronteerd met een klassieke en fundamentele flater die bij vele Europese (ex-)kolonies vandaag nog duidelijk te zien is: Tijdens de "bezetting" ervaart het land economische en maatschappelijke groei, maar zodra ze alleen staan, zakt het boeltje aan een hevig tempo in elkaar. Congo is 50 jaar later een staat in verval. Uiteraard is dit verval niet enkel te wijten aan de aanpak van de Belgen in die tijd. Leiderschap en diefstal zijn in Congo synoniemen en daar heeft de plaatselijke overheid zeker een (grote) hand in gehad. En er zijn meerdere factoren. Maar ik kijk nu even naar die ene flater. Ik schets even de situatie:

Een van de beelden die we te zien kregen, was van een oude fabriek, door de Belgen opgebouwd voor 1960. De fabriek ligt er verlaten bij. Sinds het vertrek van de Belgen is er geen onderhoud, investering of niks meer geweest. Er was geen geld. Zelfs niet voor reserveonderdelen van machines. Er was geen langetermijnvisie. Er was geen mogelijkheid om breder te denken.

Toch zijn er bedrijven/plantages die het in Congo enorm goed doen. Bruisende business zeg maar (relatief gezien). Het verschil dat in het tv-programma werd aangeduid, kreeg gelijk mijn aandacht: de Belgen introduceren een systeem, een bedrijf, een manier van werken, dat geheel verweven is met de Europese cultuur. Kort gezegd: om een land te helpen in haar ontwikkeling, moet de bevolking eerst van cultuur veranderen. Om zo een fabriek dus in stand te houden, moet men als een Europeaan denken en functioneren. Dit werkt niet. De bedrijven die het wel goed doen, zijn de bedrijven die niet door Belgen, maar door Congolezen zelf zijn gestart. Daar beginnen ze bijvoorbeeld niet allemaal stipt om 8 uur.

De welvaart van een land is dus in dat geval volledig afhankelijk van de capaciteit van dat land om de vreemde cultuur over te nemen. En dat is niet zo simpel. Praktisch onmogelijk eigenlijk. Een gegarandeerde flop dus. En dit is bij vele kolonies het geval.

Dezelfde fout kunnen we maken als we denken aan evangelisatie of gemeentestichting. We doen ons best om een postmoderne, post-christelijke maatschappij te bereiken. We houden van mensen en willen hen tot God leiden. We bouwen kerken en groepen en organiseren projecten met de bedoeling mensen te bereiken. De "welvaart" in bovenvernoemd verhaal is in dit geval geen welvaart maar het leren kennen van Jezus. Dat is het doel hier. Maar onbewust verwachten we dat zij zich eerst aanpassen aan onze culturele manier van denken en functioneren. Hun schema op zondag, hun vrijetijdsactiviteiten, hun leermethodes, hun engagement in de maatschappij, hun taalgebruik, hun complexe gezinssituaties, hun zwakke kennis van de Bijbel, hun manier van vrienden maken, hun beleefdheidsvormen, communicatievormen, dit en veel meer zijn gebieden waar we drempels opleggen, voordat ze maar ooit de kans krijgen om iets van Jezus te horen. We doen dit niet bewust, maar we mogen het ook niet ontkennen. Mensen moeten als het ware eerste de evangelische subcultuur onder de knie krijgen voordat ze het evangelie duidelijk kunnen horen met hun oren en uiteindelijk met hun hart.

Het lijkt me sterk op de kolonisering. Ons systeem, onze manier van erediensten en geloofsbeleving, onze manier van samenkomen en onze kerkstructuren primeren vaak op de boodschap die we willen doorgeven. Het lijkt alsof mensen geen christen kunnen zijn, zonder eerst zelf hun eigen karakter en cultuur en wie ze zijn af te werpen, het evangelische kleed aantrekken en dan misschien aanvaard worden. Dit werkt niet, zeker niet op lange termijn. Behalve misschien bij die enkelingen die zich toevallig goed voelen in onze subcultuur.

Het betekent niet dat God niet kan werken. Integendeel, Hij is machtig en heeft velen ondanks onze zwakheden toch tot zich geroepen. Het is volgens mij belangrijk dat we ons bewust zijn van onze zwakheden en dat we durven vertrouwen op wat God kan doen!

Een van de dingen die mij persoonlijk heeft geholpen is een video over de "missional church". Ik kreeg deze link van een collega bij OM: http://www.youtube.com/watch?v=77ndCFSv47g In deze boodschap stelt de predikant voor dat we ons beeld van God, ons beeld van de kerk en ons beeld van de wereld grondig onder de loep moeten nemen en terug afstemmen met de Bijbel. Zowel ons beeld van God als ons beeld van de kerk, als ons beeld van de wereld, moet gegrond zijn in de gedachte dat God missionair is (Hij zoekt de mens continu), dat wij deelnemers zijn van Jezus' plan (en moeten dus met BEIDE voeten in de wereld stappen) en dat we mensen in de wereld werkelijk zien als schepsels van God. 

Vooral dat laatste is belangrijk: wij willen geen evangelische klonen maken, of kolonies bouwen. Wij willen dat mensen Jezus leren kennen. Dus we moeten mensen leren kennen, kijken hoe ze functioneren, hoe ze denken, op welke manier ze leren en vechten, praten. Als we hen durven bekijken als een schepsel van God en als we die positieve dingen naar boven kunnen halen, zullen wij ook veel effectiever kunnen communiceren over Hem. Dan gaan ze Hem in hun taal, op hun tijd, op hun manier, leren kennen en liefhebben. De rest doet er niet toe. Komen ze anders samen, praten ze anders, leren ze anders, dat alles maakt niets uit, zolang ze Jezus maar leren kennen en zolang Hij maar een continue verandering in hun leven mag teweegbrengen.

Dan spreken we niet langer van koloniseren, iets van tijdelijke waarde, maar vantransformeren, iets van eeuwigheidswaarde.

dinsdag 10 november 2009

een litanie van nederigheid

"Litanie" is een woord uit de rooms-katholieke kerk, dat gebruikt wordt om een bepaald soort smeekbede te beschrijven. Een gebed als "verhoor ons" of  "geef ons genade" of "geef mij genade". Zondagavond kreeg ik de kans om het gebedsuur te leiden bij The Living Room. De avond draaide rond het onderstaande gebed. Het ging er vooral over dat christenen net als andersgelovigen dagelijks het gevaar lopen om egocentrisch in het leven te staan. Het enige verschil is dan vaak dat we onze ik-gerichtheid volgens een verschillende lijst van sociale regels spelen. Zo gaan we steeds weer de mist in. We klinken vroom, we doen ons voor als voorbeeldige christenen. Niemand ziet het of het echt is of niet. Maar in ons hart denken we enkel aan onszelf. En dan moeten we terug naar de kern: wat essentieel is, is onze houding. Die moet zijn zoals Jezus ons toonde.
Ik wil je uitdagen om dit gebed voor jezelf uit te printen, naar een stille hoek te gaan en het gebed zin voor zin hardop voor te lezen. Pauzeer bij elke zin en denk na over mogelijke situaties in je eigen leven waarin je daar schuldig van bent. Belijd die houding aan God en vraag Hem om je te bevrijden van dit denken en doen. Ga dan verder naar de volgende zin.
Als we dit gebed dagelijks zouden kunnen bidden, zou er heel wat veranderen. En dat is wat Paulus volgens mij bedoelde toen hij aan de Romeinen zei: "Wees hervormd in uw denken". Niet een nieuw religieus systeem, maar een diepe, werkelijke verandering van het hart.
Het gebed is van een onbekende:
O Jezus, zachtmoedig en nederig van hart, hoor mij aan.
Bevrijd mij, Jezus, van het verlangen geliefd te worden,
van het verlangen verheerlijkt te worden,
van het verlangen geëerd te worden,
van het verlangen geprezen te worden,
van het verlangen verkoren te worden boven anderen,
van het verlangen geraadpleegd te worden,
van het verlangen goedgekeurd te worden.
Bevrijd mij, Jezus, van de angst vernederd te worden,
van de angst geminacht te worden,
van de angst een berisping te ondergaan,
van de angst vergeten te worden,
van de angst uitgelachen te worden,
van de angst onrechtvaardig behandeld te worden,
van de angst veracht te worden.
En Jezus, verleen mij de genade om te verlangen dat men anderen meer liefheeft dan mij.
Dat men anderen meer waardeert dan mij.
Dat anderen meer aanzien in de wereld zullen genieten dan ik.
Dat anderen gekozen worden, en ik opzij gezet word.
Dat anderen geprezen worden, en ik onopgemerkt blijf.
Dat men te allen tijd aan anderen de voorkeur geeft.
Dat anderen heiliger mogen worden dan ik, als ik maar zo heilig word als nodig is.
(gebed overgenomen uit het boek "Honger naar Echtheid" van George Verwer, 1988)

woensdag 4 november 2009

kaastaartverhaaltje

Helaas maar ik ga niet zomaar een lijst met ingredienten en handelingen opsommen. Het wordt een verhaal, en zo kom je er achter hoe je de eenvoudige kaastaart moet maken :p

Mijn vrouw en kinderen houden van fruityoghurt, maar ik heb veel liever het pure zure spul: witte simpele yoghurt. Nu liep ik een tijdje geleden door de Aldi en dacht ik, hey wat is dat daar: magere verse kaas. Iets dikker dan yoghurt, en toch mager, dus ook waarschijnlijk lekker zuur. Laat ik dat eens proberen voor bij mijn cornflakes.

Het was niet zo'n geweldig idee, de smaak is ok, maar toch is het een beetje droog om zomaar bij je ontbijt te eten. Ik had echter wel vier doosjes van 500 gram gekocht (ja, ik weet het!) dus ik moest er iets anders mee doen. Een recept zoeken misschien.

Ik bladeren op internet, niks lekker of simpels gevonden. Toen deed ik een boekje open bij ons thuis over nagerechten en daarin stond het recept voor een kaastaart.

Dat zag er niet moeilijk uit! Bovendien had ik daarvoor het bovenvermelde spul nodig, 250 gram ervan! Mager hoefde niet, ik heb het ondertussen al met magere en gewone geprobeerd, en het komt beiden op hetzelfde uit.

Het deeg moest ik niet zelf maken, een pakje kruimeldeeg volstond. Dat ben ik dan ook met de kinderen gaan halen in de Delhaize. Gewoon uit de frigo daar. Da's 1 grote opgerolde lap deeg.

Verder had ik alleen nog maar twee eieren, 100 gram suiker en 1 pakje van 8 of 10 gram vanillesuiker nodig.

Ik stond er versteld van hoe snel het allemaal ging. Het kruimeldeeg moet je trouwens niet proberen uit te rollen direct nadat je het uit de frigo haalt. Dan breekt het af terwijl je het ontrolt. Als je echter te lang wacht, nadat je het uit de frigo haalt, plakt het weer teveel aan elkaar. Om te zorgen dat het niet te hard of te zacht is om te ontrollen, moet je het 5, 6, 7, 8, 9 of 10 minuutjes op kamertemperatuur laten liggen. Het aantal minuutjes staat rechtstreeks in verband met de temperatuur in jou keuken.

Dat moet je dan in een taartvorm plaatsen. Als er bakpapier omheen zit, lekker laten zitten. Als het er niet bij zit, gaan klagen in de winkel! Maar goed, met bakpapier, gewoon in een bakvorm doen. Zonder bakpapier moet je die vorm eerst met boter insmeren.

Probeer het deeg trouwens direct in het midden te leggen en laat de rand aan alle kanten ongeveer even hoog zijn. De bakvorm is rond, net als het deeg, en ergens tussen 18 en 28 cm ofzoiets. Wij hebben er maar één en die gebruik ik dus.

Nadat ik dat allemaal gedaan had, zette ik de rest van de ingredienten netjes op een rij naast elkaar. Links staat 250 gr verse kaas, daarnaast 100 gr suiker, daarnaast een reeds opengescheurd pakje vanillesuiker, daarnaast twee eieren.

Ik begon met de eieren. Die moet je namelijk splitsen. Dat is dus het wit van het geel scheiden. Dat is nogal een gedoe voor mij. Om 2 eieren te splitsen heb ik er meestal 3 nodig. Of ik roep mijn vrouw. De kunst is: breek het ei, zorg dat je dooier (geel) in een van de twee helften blijft zitten, en kap die dan heen en weer van de ene helft naar de andere, boven een schaaltje. Het eiwit glijdt dan langzaam in het schaaltje, en hopelijk blijft het eigeel heel. Dat doe je 2 keer (ah ja, 2 eieren he). Er zijn vast wel joetjoeb video's van.

In de rij van verse kaas, suiker, vanillesuiker, zet je rechts de twee eidooiers in een kommetje. De gele ronde deeltjes van de eieren dus. Die vier ingredienten op een rij, gooi je allemaal door elkaar. Het eiwit zit dus in een apart vijfde kommetje he. Dat laat je apart staan.

Zodra je de vier ingredienten hebt gemengd, kap je dat in het deeg (Dat deeg dat dus als het goed is, al in je bakvorm zit).

Nu de eiwitten nog. Dit moet je opkloppen. Twee mogelijke manieren, ofwel met een spatel of roe, met de hand, een dik kwartier door elkaar kloppen. Ofwel met een electrische mixer. Het resultaat moet zijn: vaste sneeuw. Je weet zeker dat je het vast genoeg hebt geklopt, als je je beker/kom/... ondersteboven kunt houden en er valt niets uit. Of je neemt er een lepel van en het staat vast omhoog. Het moet stevig zijn.

Dat roer je dan heel voorzichtig door het mengsel dat al in je vorm zit. Heel rustig. Eigenlijk niet roeren, maar eerder een beetje relaxed scheppen, tot het door elkaar zit. Als je roert, gaat het schuimerige van die eiwitten verdwijnen en dat maakt de taart juist luchtig. Dus take it easy... Er is trouwens een naam voor, folding (vouwen) of zo. Er zijn hier zeker weten youtube filmpjes van!

De oven moet voorverwarmd zijn op 200 graden en dan zet je de taart er 30 minuutjes in.

Ah ja belangrijk: Zet je taart in het midden! De tweede keer had ik hem iets te hoog gezet, waardoor het deeg niet gaar was, en de bovenkant wel al donker. Beter iets lager dan het midden dan te hoog.

Ik beloof het : Het klaarmaken van deze kaastaart kost je minder tijd dan het lezen van dit blogbericht + ontcijferen van het recept uit dit bericht tesamen.

Smakelijk!

vrijdag 23 oktober 2009

vergeving


Hoe kan ik verder leven,Hoe moet ik verder gaan.
Kan ik ooit vergeven,wat mij is aangedaan.
De woorden in mijn ziel, de haat en bitterheid,
lijken niet te helen niet door woorden, niet door tijd.

refrein:
Maar als er vergeving is, kan er genezing zijn
van de pijn en het verdriet diep van binnen.
Als er vergeving is,kan er genezing zijn
en de weg van herstel kan beginnen.

O God , ik heb U nodig, Ik kan het zelf niet.
Ik lijk haast te verstikken,in angst en in verdriet.
Hoe kan ik ooit vergeven, zoals U mij vergeeft,
dwars door alles heen wat mij beschadigd heeft.

(refrein)

Geef mij de kracht van Uw liefde om verder te gaan,
ook al zal er een litteken blijven bestaan.
Want is Uw liefde niet sterker dan de dood,
en Uw vergeving niet dieper dan mijn nood?

refrein
Want waar Uw vergeving is zal genezing zijn
van de pijn en het verdriet diep van binnen,
waar Uw vergeving is zal genezing zijn
en de weg van herstel kan beginnen(2x)

(c) Marcel en Lydia Zimmer

woensdag 21 oktober 2009

onverwachte tranen

Ik droom veel.

Meestal droom ik van verandering. Verandering in mijn eigen ingesteldheid. Verandering bij mensen en projecten die zo vastgeroest zitten dat ze het zelf niet doorhebben. Verandering in de wereld die zo verschrikkelijk oneerlijk verdeeld is. Verandering van het westerse egocentrische denken. Verandering van de kerken die zo hard vast zitten aan dat denken. Verandering van autoritaire (lees:egocentrisch) leiderschapsstijlen. Verandering van mijn eigen karakter.

Ik werk graag in wat men noemt de harde grond. Er zijn nog zoveel dingen die ik wil bereiken in mijn eigen leven. Er zijn nog zoveel dingen die ik wil veranderen in mijn kerk, in mijn land. 
Een lied zegt : "I wanna be a history maker in this land". Een boek zegt: "You can change the world". Ghandi zegt: "You must be the change you want to see in this world". Soms droom ik zoveel, dat ik mijn eigen avonturenboek zou kunnen vullen met alles wat ik van plan ben. Ik zou het dan een titel kunnen geven "Dingen die ik ga doen."

In dat avonturenboek zou ik dan alles noteren wat ik van plan ben. Mensen met waarheid confronteren. Vijanden zich met elkaar laten verzoenen. Bewegingen en kerken omgooien zodat ze eindelijk eens iets bereiken. Regeringen dwingen om iets aan het onrecht te doen. Christenen overtuigen dat zij daarin een voorbeeld moeten nemen ipv omgekeerd zoals het nu vaak is. Mijn eigen hart onder de loep nemen. Slavernij, mensenhandel, dictatuur, kapitalisme, dierenonrecht, ... aanpakken. Ecosystemen terug in balans brengen. Politiek terug eerlijk maken. World Peace.

En dan zit ik plots in de cinema, te kijken naar een Pixar film met mijn zoontje. We kijken naar de film "Up". Zijn eerste keer in de cinema, en daar draait het om, die overweldigende ervaring van een kind van 4. In die film loopt er als het ware een rode draad: het is ook een avonturenboek. Dit boek is het avonturenboek van een klein meisje, dat droomt om naar Zuid-Amerika te reizen om daar in haar droomparadijs te gaan wonen. Dat is haar droom. Daar zal ze al haar avonturen beleven. Ze heeft al wat krantenknipsels verzameld. En op een blad heeft ze met grote letter geschreven: "Dingen die ik ga doen." Dat is de titel voor de rest van het boek. De rest is leeg.

Jaren later, nadat ze van ouderdom is gestorven, zit haar weduwenaar met het boek in zijn handen. Hij is uiteindelijk haar - en zijn eigen - droom achterna gegaan. Hij zit so close bij het einddoel: Paradijs-Rots. Maar hij zit er net nog niet. Alles lijkt mislukt. Iedereen die hem dierbaar is of lijkt, is out of the picture. De droom lijkt grandioos mislukt. Hij voelt zich een looser. Hij wilde zo graag haar avontuur waar maken, ook al was het zonder haar. Het avontuur werd een flop.

Net als hij het boek weg wil leggen, merkt hij dat er meer in het boek zit dan hij dacht. De bladzijden na de bewuste titelpagina zijn tot zijn verbazing volgeplakt en geschreven. Hun trouwfoto's. Hun bijzondere momenten samen. Hun gewone alledaagse leven. Dat was haar avontuur. Dat was alles wat ze wilde en ze heeft het gekregen. Haar leven met hem, gewoon in eigen huis, in eigen dorp, de dingen die ze samen beleefden thuis, dat waren voor haar de "dingen die ik ga doen". Het avontuur is niet mislukt! Het is geslaagd. Daar kwamen mijn tranen.

Want ik ben vaak net zo. Ik ben op avontuur. Net als de man in de film, heb ik dromen en visies die ik niet loslaat, en dat is goed. Maar het avontuur waar ik vandaag mee bezig ben is veel meer waard. Het is echt. Het is nu. Het is mooi. Daar moest ik even bij stil staan.

Net als de man in de film, wil dit niet zeggen dat ik zal stoppen met het streven naar nieuw avontuur. Maar steeds met het besef dat wat ik vandaag heb, van veel grotere waarde is dan hetgeen misschien nooit zal komen.

De begripvolle blik van mijn vrouw. De "ik hou van jou" van mijn oudste zoontje en de "ik wil je knuffelen" van nummer twee. De oh-boy-ik-smelt-glimlach van mijn dochter. De go-for-it speeches van mijn vrouw als ik ergens voor wil gaan maar twijfel. De schopjes van baby4.

De leuke band met collega's. De bezorgde en welgemeende vraag van een goede vriend "Hoe gaat het met u?". De mensen die laten blijken dat ze veel aan je hebben. Mensen die zich blootgeven en elkaar durven vertrouwen. De mensen-die-ik-enkel-ken-van-facebook die toch echt een plek hebben gekregen in mijn leven.

De foto's van mijn zus en familie op Facebook. De zogezegde afwezigheid van mijn broer op dezelfde plek. De bezordge en ontfermende blik van pa en ma. De steun in de rug van pa en ma. Het we-staan-meestal-wel-klaar-voor-elkaar tussen mij en mijn broer.

Momenten van intens gelach, gehuil. Hevige discussies. Diepgaande gesprekken. Skype babbels met verre doch goede vrienden. Stilte in de zaal. Eenparig gebed.

Het verschil dat ik blijkbaar maak in sommige levens. Het God-besef. Het elkaar durven corrigeren. Het toegeven en belijden van fouten. Het leren van elkaar.

Daar leef ik voor.

Ik blijf op avontuur, ik ben nog veel meer van plan. Maar ik leef vandaag. Ik heb mijn doel bereikt: Een leven met God en met jullie. Vandaag leven met God en mensen. Niets is beter dan dat. Ik hou van jullie. Ik hou van Hem.